Meander * Eerder * Artikelen * Een gedicht van Fjodor Tjoettsjev
 
Een gedicht van Fjodor Tjoettsjev
een miniatuur door Kees Godefrooij


Vandaag vriend, is het vijftien jaar geleden
sinds die gezegende, fatale dag
waarop zij mij haar hartstocht heeft beleden
en heel haar wezen voor mij openlag.


En al een jaar, zonder verwijt of klagen,
draag ik mijn lot, al nam het alles af:
eenzaam tot aan het einde mijner dagen,
zo eenzaam als ik zijn zal in het graf.

Fjodor Tjoettsjev 1803 1873
(vert. Jean Pierre Rawie)

Elke keer wanneer ik dit gedicht lees moet ik denken aan het portret van de componist Modest Petrovitsj Moesorgskij dat werd geschilderd door zijn vriend Repin. Het portret toont de kop van een door drank verwoest kunstenaarsbeest. Ilja Repin schilderde het werk een paar dagen voor de dood van Moesorgskij in de loop van vier zittingen tussen 2 en 5 maart in 1881. Ik zie de componist voor me wanneer ik de woorden lees in dit gedicht; nippend van de absint doet hij zijn verhaal aan een bezoeker:

Vandaag, vriend, is het vijftien jaar geleden
sinds die gezegende, fatale dag


Erkenning bleef uit voor deze Russische grootheid, als autodidact werd hij terzijde geschoven als zijnde een 'zonderlinge amateur'. Hij schenkt nog eens in, terwijl zijn hand over de gezwollen buik glijdt laat hij een boer en neuriet afwezig het deuntje dat hem laatst toewaaide, om dan te vervolgen:

En al een jaar, zonder verwijt of klagen
draag ik mijn lot, al nam het alles af:


En daar zit hij dan in het militair hospitaal, het 120 kilo stuk ellende, treurend wellicht over de ongrijpbaarheid van zijn muze, wegterend aan de leverkanker, zijn laatste pareltjes zweet uitzwoegend als een vervliegend geurspoor over zijn nagelaten werken,

eenzaam tot het einde mijner dagen

Theo Willemze - Muziek lexicon, Utrecht 1991
Jean Pierre Rawie - Onmogelijk geluk, Amsterdam 1992
Henk van Os en Sjeng Scheijen - Ilja Repin, het geheim van Rusland, Zwolle 2001






[gepubliceerd: juni 2005]
 
^