Meander * Eerder * De Dichter * DaniŽl Dee
 
Interview met Daniël Dee
'Iedereen aan de poëzie'
door Maarten Gulden

'Een goed gedicht is als een gevaarlijke mix van cocaïne en LSD: reteverslavend en elke keer moet je weer terug willen keren naar die andere dimensie Ė hoewel poëzie natuurlijk wel stukken gezonder is.' Deze uitspraak geeft de poëtica van dichter Daniël Dee weer in een notendop.

Daniël Dee (1975) is een duidelijke exponent van de jongere generatie dichters die zich niet hoeft te beperken tot het geschreven woord. Hij staat vaak op het podium en is huisdichter van radiostation Kink FM. 'Ik zie mezelf wel staan in de orale traditie. Zo is het ooit begonnen en zo wil ik het voortzetten. Poëzie staat voor mij heel dicht bij muziek,' legt Dee uit.
Toch verschenen er gedichten van hem op papier, in literaire tijdschriften en in Komrij's Nederlandse Poëzie van de 19de tot en met de 21ste eeuw in 2000 en enige gedichten - De Dikke Komrij - en Spiegel van de moderne Nederlandse en Vlaamse dichtkunst. Ook publiceerde hij zelf een aantal bloemlezingen, waaronder Vanuit de lucht - de eerste generatie dichters uit de 21ste eeuw, en stelde hij met Tsead Bruinja de bundels Kutgedichten en Klotengedichten samen. Verder heeft Dee twee dichtbundels op zijn naam staan: 3D, schetsjes van onvermogen (2002, Uitgeverij Passage) en Vierendeel (2005, Uitgeverij De Geus).

Waarom is hij ooit begonnen met dichten? Dee: 'Er zijn te veel redenen op te noemen, die allemaal een onderdeel zijn van de waarheid. Als kind was ik bovenmatig geïnteresseerd in rijm. En ik herinner me dat ik op de lagere school invullesjes moest maken met zinnen als 'Ik krijg een voldoende alsÖ'. Het was dan de bedoeling dat je iets invulde in de trant van '...ik mijn best doe'. Maar ik vulde ze aan met regels als '...ik de meester in elkaar sla.' Daar heb ik ongenadig voor op mijn flikker gekregen, want ik zat ten slotte op een degelijke, katholieke school. Dat was de eerste keer dat ik de kracht van woorden ondervond,' grapt hij.
Eigenlijk is hij gewoon een keer begonnen met het schrijven van gedichten en heeft hij er zich daarna steeds verder in bekwaamd. Of hij met zijn teksten ook een groot publiek bereikt, maakt hem niet eens zo veel uit: 'Het enige publiek dat ik voor ogen heb, ben ik zelf. En misschien mijn vriendin, want die wil ik telkens het hof maken. Ieder ander die er ook van kan genieten, beschouw ik als mooi meegenomen.'
Die houding zien we ook terug in de periode van zijn ontluikend dichterschap: 'Op de middelbare school was ik onhoudbaar,' vertelt Dee. 'Ik was geen probleemveroorzakende, mokkende puber, maar ik deed wel gewoon waar ik zin in had. Ik zette me alleen in voor zaken die me werkelijk interesseerden. Ik raakte in de ban van psychedelica en gedichten. Het ging mij om de vrijheid die eruit sprak. Met het gebruik van je fantasie was alles mogelijk.' Hij voelde de drang om een eigen werkelijkheid en daarmee een nieuwe wereld te creëren: 'Ik wilde mijn eigen wereld scheppen. Daarnaast wilde ik indruk maken op meisjes. Ik ben geen extravagante persoonlijkheid, dus moest ik een andere manier vinden om boeiend te zijn.'
Dee zelf heeft een onweerstaanbare fascinatie voor de zelfkant van de mens: 'Ik houd van de duistere kanten. Die zeggen iets over ons functioneren, over onze drijfveren,' licht hij toe. 'Hoe dieper een mens zakt, hoe eerlijker hij of zij wordt. Ik zoek in mijn werk naar mijn persoonlijke grenzen en naar taboes. Het zijn gedachte-experimenten in hoever ik durf te gaan.'

Een paar jaar geleden besloot hij te gaan leven van de poëzie. 'Of dat een grote stap was? Nee, het willen is het doen. Zo simpel is het,' vertelt hij. 'Maar denk niet dat het een vetpot is. Ik heb weinig geld, maar ik heb ook weinig nodig, dus dat scheelt.'
Kunnen we binnenkort weer eens een bloemlezing van hem verwachten? Dee: 'Ik was een tijd lang behoorlijk uitgebloemleesd, maar inmiddels heb ik weer twee nieuwe ideeën die ik het licht wil laten zien. Maar daar wil ik in dit stadium nog niet te veel over zeggen.' Over zijn derde dichtbundel wil hij wel een tipje van de sluier oplichten; in deze bundel met de voorlopige werktitel Koffiedik zingen zullen hoogstwaarschijnlijk onder meer de drie nieuwe gedichten verschijnen die in deze aflevering van Meander gepubliceerd worden.
Als hem gevraagd wordt waarom hij zo actief is op allerlei gebieden van de poëzie, antwoordt hij dat hij dat doet uit liefde voor poëzie. 'Ik zou willen dat ik ooit in de geschiedenisboeken terechtkom en dat men mij zich dan herinnert als een dichter die een publiek van leken heeft weten te interesseren voor zoiets geweldigs als poëzie', aldus Dee. 'Fuck voetbal. Iedereen aan de poëzie.'


naar de gedichten van DaniŽl Dee


[gepubliceerd: 25 januari 2007]
 
^    >