Meander * Eerder * De Dichter * Maria Barnas
 

Interview met Maria Barnas
Niets is vanzelfsprekend
door Maarten Gulden

Maria Barnas (1973) schrijft gedichten en romans, is beeldend kunstenaar en een van de oprichtsters van uitgeverij missingbooks. Verder schrijft ze voor De Groene Amsterdammer en de Volkskrant, schreef ze een prozagedicht dat alleen verkrijgbaar is in een inrichting in Hoofddorp, en een serie gedichten voor 103 putdeksels in een park. In 2003 verscheen haar eerste dichtbundel. Voor deze Twee zonnen ontving ze de C. Buddingh'-prijs en werd ze genomineerd voor de Jo Peters Poëzieprijs.

Een paar maanden geleden verscheen, eveneens bij uitgeverij De Arbeiderspers, haar nieuwe bundel Er staat een stad op. In vergelijking met haar debuut schreef ze deze in een relatief korte tijd. Barnas legt uit hoe dat komt: 'Ik wist bij het schrijven van mijn eerste gedichten nog niet dat het tot een bundel zou leiden. Later, toen anderen voorstelden er een bundel van te maken, heb ik nog heel lang gewacht omdat ik nog niet zag wat de gedichten gemeen hadden. Ik vond een bundeling ervan niet per se een verrijking.'



Foto: Marijke Aerden


Het is waar ik woon
In Er staat een stad op staan zeer uiteenlopende gedichten. Over Hiroshima, het einde van een relatie, over de bomaanslagen in Londen en nog veel meer. Toch is er volgens Barnas een bindende factor: 'Perpectiefwisseling en een behoefte aan ontsnapping uit de vaste vorm.' Dat is wat gedichten volgens haar horen te doen. Voor die ontsnapping maakt ze gebruik van bijvoorbeeld regelafbreking: het eerste woord van een nieuwe regel verandert de betekenis van het voorgaande.
In de bundel speelt de stad opvallend vaak een rol, wat niet wil zeggen dat de lezer er een diepere betekenis achter moet zoeken. 'Mijn gedichten komen voort uit mijn observaties. Net zoals taal zal ook de stad nooit voor mij vanzelfsprekend worden', legt ze uit. 'Het is waar ik woon. Het is wat ik zie als ik naar buiten ga. Ik kom oorspronkelijk van het platteland, ik zal me blijven verwonderen over de stad.'

Niets is vanzelfsprekend
Toen Maria Barnas zes jaar was verhuisde ze naar Engeland, waar haar vader Nederlands gaf op een internationale school. Ze bracht er haar jeugd door. Het verblijf in het buitenland heeft de manier waarop ze met taal omgaat duidelijk beïnvloed. Het heeft waarschijnlijk zelfs de basis gelegd voor haar huidige dichterschap. 'Vooral de schok van terechtkomen in een ander taalgebied', licht Barnas toe. 'De klunzigheid waarmee je dan moet communiceren. Elk woord dat je dan leert is een ervaring.'
Ook op het moment van dit interview vertoeft Barnas in het buitenland. 'Ik sta hier met mijn mond vol tanden als ik met mensen wil praten, ik spreek vijf woorden Italiaans. Maar het maakt ook mijn ogen schoon: niets is vanzelfsprekend. Op de kraan staan woorden die ik niet onmiddellijk begrijp, wat zelfs van een alledaagse handeling als je handen wassen iets maakt om bij stil te staan.'

Strak gecomponeerde wankeling
Behalve dichteres en beeldend kunstenaar is Barnas recensente. Het lezen van haar recensies is een belevenis op zich; ze zoekt of belicht niet alleen de zwakke kanten van een bundel. 'Ik probeer ook een leeservaring over te brengen. Ik probeer te schrijven over een boek zoals ik dat zou doen over een wandeling. Wat heb ik gezien? Wat heb ik meegemaakt? Ik probeer de lezer daar deelgenoot van te maken', vertelt ze. 'Wat volgens mij goede poezie is? Dat is voor mij duidelijk: je moet het nog eens willen lezen, en nog eens. Het moet wankelen op de rand van je begrip, zonder dat het onzin is. Een strak gecomponeerde wankeling voor de geest.'
Een recensie schrijven is een ding. Op de vraag hoe ze het vindt om zelf slechte kritieken te krijgen is het antwoord: 'Verschrikkelijk!'


naar de gedichten van Maria Barnas


[gepubliceerd: 20 oktober 2007]
 
^    >