Meander * Eerder * Dichters * Els Moors
 
Els Moors
"BelgiŽ-Nederland, het zou een fantastische eenheid zijn"
door Sylvie Marie

Els Moors (1976) studeerde eerst in Gent, maar verhuisde later naar Nederland om er verder te studeren. Ze publiceerde al gedichten in o.a. Yang, Pampus en Krakatau. Haar debuut Er hangt een hoge lucht boven ons (Nieuw Amsterdam) werd onlangs genomineerd voor de C. Buddingh'-prijs.

Je bent een Vlaamse, maar woont nu in Nederland. Wat maakt voor jou het grootste verschil?
Als je in het buitenland woont -even los van het feit of het nu in BelgiŽ of Nederland is- kom je vooral jezelf tegen. Het is deel van een onbestemd soort heimwee dat je overvalt als je ergens anders helemaal opnieuw begint. Maar het gaat steeds beter. Ik ben al honderd keren van gedacht veranderd wat nu het verschil is tussen Belgen en ĎHollandersí. Tegenwoordig denk ik dat Nederlanders en Belgen vooral veel van elkaar zouden moeten leren. Belgen zouden niet zo vals bescheiden moeten zijn, Nederlanders af en toe wat minder streng en protestants serieus. Ik word gek van de Nederlanders die met de vinger naar zichzelf wijzen en zeggen dat het in BelgiŽ toch allemaal veel lekkerder en beter is, het goede leven zeg maar. Op hetzelfde moment haat ik de Belgen die denken dat ze virtueel onzichtbaar zijn en er dus van uitgaan dat ze overal mee zullen wegkomen omdat er toch niemand kijkt. BelgiŽ-Nederland, het zou een fantastische eenheid en misschien zelfs drievuldigheid kunnen zijn.

Merk je overigens verschillen tussen Vlaamse en Nederlandse poŽzie?
Ik kan beter zeggen wat ik van de Nederlandse dichters heb geleerd. Dat is een hele hoop. Een soort Ďstijlbewustwordingsoefeningí. Ik heb namelijk het gevoel dat Vlaamse dichters van nature meer geneigd zijn om te zingen en breed en lyrisch uit te halen in hun taal. Dat kan een mooie eigenschap zijn, maar het kan ook mystificerend werken op de verkeerde manier. Verhullen of omfloersen is iets waar je Nederlandse dichters veel moeilijker op betrapt. Ze hanteren een heldere duidelijke taal, maar soms missen ze dan weer het spelplezier.
Verder hou ik gewoon van dichters die iets te vertellen hebben, mensenschuw zijn en toch amok maken op feestjes of literaire bijeenkomsten. Die passen zelden in een stroming en ze zijn niet dik gezaaid maar je vindt ze gelukkig overal. Ik wil wel namen noemen hoor, maar ik kom alleen op Nederlanders (wat zegt dat over mij als Vlaamse): H.H. ter Balkt, Erik Jan Harmens en K. Michel. In het werk van de laatste wil ik me dringend verdiepen. Misschien wil hij dan volgend jaar wel met me mee naar het Vlaamse Boekenbal.

Op dat boekenbal, dat onlangs voor de vijfde maal georganiseerd werd, besloot men dat het goed gaat met het Vlaamse boekenvak. MichaŽl Vandebril, ťťn van de organisatoren, stelde het zo: "Vroeger gingen veel Vlaamse auteurs in Nederland uitgeven. Nu scoren jonge auteurs ook in Nederland via een Vlaamse uitgeverij." Merk jij daar iets van?
Waarschijnlijk gaat het beter. Maar ik leef denk ik nog niet lang genoeg om daar iets zinnigs over te zeggen. Ik vind wel dat er in Nederland sowieso veel meer om handen is wat betreft poŽzie en ook dat ze hier toch bewust hun ogen open houden voor wat er in BelgiŽ gebeurt. Maar het onderscheid blijven opzoeken is bizar. Het is toch ťťn taal? Grappig genoeg blijf je een Vlaamse of een Nederlandse dichter, en misschien is dat niet eens zo grappig.

Je debuteerde onlangs bij Nieuw Amsterdam (Nederlandse uitgeverij!) met de bundel Er hangt een hoge lucht boven ons. Hoelang heb je naar dat debuut toe gewerkt en loont die inspanning nu de moeite?
De bundel was er al voor hij er was. Het klinkt raar maar zo voelt het wel. Ik heb er niet naar toe gewerkt. Maar ik had wel al een hele tijd echt en virtueel materiaal opgespaard. Toen was het zaak mezelf het vuur aan de schenen te leggen. Ik ben al mijn hele leven stoÔcijns geduldig op alle vlak, maar bij de bundel vond ik wel dat het hoog tijd was het achterste van mijn tong te laten zien. En soms bleek dat achterste alleen nog maar het puntje. De inspanning loont absoluut de moeite. Voorlezen gaat niet altijd goed, maar als het goed gaat geeft het me een rond en voldaan gevoel.

Het is overigens geen voor de hand liggende titel. Vanwaar die keuze?
Ik heb nooit de illusie gehad dat ik zelf door een titel te verzinnen de vorm en de inhoud van de bundel zou kunnen laten samen vallen. Gek genoeg is dat precies wat deze regel, die trouwens uit een gedicht komt, voor mij doet. Ik heb hem zelf als titel niet verzonnen. Daarvoor zit ik veel te dicht op de gedichten. Maar ik ben er heel blij mee.

Kurt Snoekx noemde in een recensie op literairnederland.nl je bundel Ďbevreemdendí. Herken je je stijl daarin?
Ik zou willen dat ik kon zeggen, ja, ik herken mijn stijl daarin. Maar zo werk ik niet. Ik werk en ik werk en dan kom ik ergens uit. Onderweg probeer ik alles te vergeten.

Gaat dat overigens gemakkelijk, dat werken? Schrijf je spontaan, of is het wroeten en schrappen?
Beide, maar ik vertrouw geen gedicht als het niet de juiste tijd heeft gekregen om te rusten. Dan ga ik er nog eens, soms weken na de eerste inval, met mijn volle verstand en de juiste innerlijke afstand mee aan de slag. Soms wint de eerste versie, soms schrijf ik het aan flarden maar komt er iets veel beters uit. Ik zie mezelf graag als topsporter, denk ik. Maar voor mij is schrijven vooral goed leren lezen, en het lukt me niet om beide op hetzelfde moment te doen. Het ene moment schrijf ik, het andere moment ben ik een wild uithalende criticus. Na een tijdje zie ik beter wat ik doe of gedaan heb, dan is het zaak te achterhalen wat ik nu eigenlijk wilde. Als ik geluk heb, staat dat verscholen tussen het geklets.

Op het poŽziefestival Het Uitzaaiend Kaf in Gent laatst deed je een duo-optreden met Erik Jan Harmens. Was het fijn om met hem samen te werken?
Ik vind Erik Jan Harmens een groot dichter. De eerste keer dat ik In menigten las van Erik Jan heb ik hardop gelachen en gehuild. Dat vond ik heel bijzonder. Dus ja, het was fijn, het was heel fijn.

Is het een stoute vraag om te stellen met wie je niet samen zou willen optreden?
Als ik iets niet goed vind lees ik het gewoon niet. Maar het is altijd leuk om live te zien of iemand de handel verkocht krijgt en of ze het zelf tenminste goed vinden!

Samenstelling: Sylvie Marie

naar de gedichten van Els Moors


[gepubliceerd: 15 juni 2006]
 
^    >