Meander * Eerder * Dichters * Hein Walter
 
Voor Hein Walter komt de inspiratie van buiten
Een spiritueel dichter met een prijskaartje
door Bouke Vlierhuis

Hein Walter is een veelzijdig mens. Dichter, beeldend kunstenaar, maar ook docent, conservator en websitebouwer. Veel van zijn gedichten komen in opdracht van anderen tot stand.

Hebben we hier van doen met een heuse brooddichter?
Nee, ik ben eerder een idealist. Ik stel mijn poëzie in dienst van andere zaken. Als ik bijvoorbeeld gedichten schrijf bij kunstwerken, dan hoop ik dat mijn gedichten duidelijk maken hoe het kunstwerk bekeken, gezien, kan worden. Zo'n gedicht is dan een ingang, een poëtische gebruiksaanwijzing. Het publiek neemt over het algemeen niet makkelijk de moeite om een kunstwerk te doorgronden. Als een kunstwerk op het gevoel werkt, is er geen probleem, maar als het een 'denkkunstwerk' is met meerdere lagen, blijven die lagen vaak ongezien. Als er dan een gedicht bij is geschreven, dat een beetje uitlegt waar het kunstwerk over zou kunnen gaan, kijkt het publiek beter.
Bij kindertekeningen heb ik dat ook gedaan. Daarvan heb ik voldoende materiaal om drie bundels te vullen. Doorgaans bekijken ouders de tekeningen van hun kinderen slecht. Als er iemand laat zien hoe mooi die tekening is, zien zij het ook. Wat natuurlijk wel belangrijk is bij deze dienende manier van schrijven, is de verstaanbaarheid. De inhoud staat bij mij voorop. Als zo'n gedicht onbegrijpelijk zou zijn, is het voor mij een nutteloos gedicht.

Maar… kan een mens daar een beetje van leven?
Dat lukt gelukkig steeds beter, want ja, ik moet wel geld verdienen! Maar ik ben wel zeker van mijn kunnen en ik durf ook dingen aan te nemen. Onlangs kreeg ik de opdracht van de gemeente Almere om een gedicht te maken, waarin ik de managementtaal op de hak moest nemen. Ik vond dat wel een uitdaging. Ik kreeg van tevoren de vraag hoeveel ik vroeg voor dat gedicht. € 300,- was mijn antwoord. Dat was goed.

Hoe zou u uw eigen poëzie omschrijven?
Ik ben een kameleon. Ik heb heel verstaanbare poëzie geschreven, maar ook voor anderen onbegrijpelijke gedichten, waarin ik vooral heb willen spelen met intuïtie en taal. Ik vind dat in elk gedicht een bepaalde energie, inspiratie, voelbaar moet zijn. Ik moet zelf die energie voelen bij het schrijven. Poëzie, en andere vormen van kunst, zijn voor mij spirituele activiteiten. Ik ben, als ik schrijf of schilder, verbonden met een bron die buiten mij bestaat. Het contact komt tot stand in mij. Channelen noemen paranormaal begaafden deze activiteit. Ik ben niet paranormaal begaafd, maar ik snap helemaal wat ze met dit woord bedoelen. Als je naar de oorsprong kijkt van het woord inspiratie, dan is de betekenis vergelijkbaar: inademing.

Wat zijn voor u de grootste bronnen van die inspiratie?
Het merendeel van mijn gedichten is tot stand gekomen door energie van anderen. Ik kan me heel goed verplaatsen in andere mensen, maar net zo makkelijk in dingen. Poëzie kan werkelijk overal over gaan. Wil je een gedicht over een ijskast? Morgen heb ik er een. Wil je een gedicht over je nichtje die een jaar geleden aan kanker is gestorven? Een andere aanpak, maar morgen kan ik het gedicht geschreven hebben. Dat klinkt misschien arrogant, maar zo bedoel ik het helemaal niet. De inspiratie komt niet bij mij vandaan, maar is al aanwezig. Ik hoef me er alleen voor open te stellen. Alleen zit de ijskast als het ware op een andere radiofrequentie dan het overleden meisje. Voor deze poëzie een uitgever vinden, dat lukt niet echt. Uitgevers willen persoonlijke poëzie.

Kunt u kort iets vertellen over de drie gedichten die u heeft ingestuurd?
Ze zijn alledrie geschreven zonder directe aanleiding. Gewoon uit mezelf! Het zijn bewegende schilderijen, gemaakt van woorden. Filmisch, surrealistisch. Er is steeds een introductie, het toneel. Bij 'Zweet' is dat het bed, bij 'De opstanding' is het een jongen op de grond, en bij 'De man in de straat' is dat een man tegen een muur.

U schreef bij uw inzending dat u altijd op zoek was naar een gedicht dat u in de war maakt, u raakt als een bliksem. U schreef ook dat u dat gedicht nog niet gevonden hebt. Stelt dat u teleur?
Ik vind poëzie lezen vaak een vermoeiende bezigheid, al doe ik eigenlijk niet anders. Saai, langdradig, hermetisch, voor de hand liggend, onbegrijpelijk. Door dat soort gedachten word ik vaak overvallen, en dan ik geef ik de meute groot gelijk in hun vooroordeel over poëzie. Dat klinkt misschien een beetje bot. Ik vind poëzie lezen ook spannend, misschien wel verslavend.

En zijn er gedichten geweest die wel in de buurt kwamen van het veroorzaken van dat gevoel?
Alleen bij Lucebert kom ik in de buurt van zo'n bliksemervaring. Als ik zijn gedichten lees, ook al snap ik er vaak weinig van, dan krijg ik enorme zin om zelf te gaan schrijven. Er komt bij het lezen van die poëzie ongelooflijk veel energie vrij.

Wat zijn uw toekomstplannen? Kunnen we uitzien naar een tweede reguliere bundel?
Uitgeverij Van Gennep heeft een bundel uitgegeven, en leek in eerste instantie toekomst te bieden, maar dat bleek een eenmalige actie, meer niet. Ik ben weer bij af. Ik heb het idee van een uitgeverij eigenlijk al een beetje losgelaten. Ik heb ondervonden dat de gedichten die ik schrijf altijd goed terecht komen. Bij een enkeling soms, soms bij een groep ambtenaren, maar het schrijven is zelden tevergeefs.


naar de gedichten van Hein Walter


[gepubliceerd: 8 september 2007]
 
^    >