| Meander * Eerder * Dichters * Amarantha Groen | ||
|
Interview met Amarantha Groen
Een dichteres in een doosje
door Sylvie Marie
Amarantha Groen (1989, Dordrecht) begint een studie Filosofie aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam. Ze houdt van mooie muziek, heerlijk eten, zomerjurkjes, (techno)feestjes, modellenwerk, verre landen en… poëzie. Op haar weblog showdesmots.web-log.nl leeft ze zich graag uit. Ze is een nieuw talent, van wie we in de toekomst nog zeker zullen horen. Op je weblog stel je jezelf voor als 'een meisje met een ietwat instabiele realiteit'. Wat betekent dat precies?Dat is meteen een lastige vraag om te beginnen! Ik denk dat ik wilde verwoorden dat ik inzie hoe veranderlijk de realiteit voor een mens is, zowel in haar algemene vorm als in haar individuele vorm. Ik ben bijvoorbeeld enerzijds erg toegankelijk en open, maar anderzijds ook uiterst beweeglijk en moeilijk vast te houden. Zo is het ook met mijn eigen realiteit, denk ik. Bovendien is een realiteit erg maakbaar. Ik profileer me niet of nauwelijks, waardoor ik me erg kwetsbaar opstel, maar waardoor ik me ook goed in kan leven in de wereld van iemand anders. Dat komt ook terug in mijn gedichten. Wat voor effect heeft dat dan op het schrijven van je poëzie? Om een voorbeeld te geven: toen ik nog kind was en door de stad liep met mijn vader of moeder, keek ik altijd naar andere families en vroeg ik me af hoe het zou zijn om daar deel van uit te maken. Wat zouden ze eten voor ontbijt? Wat voor sfeer zou er hangen? Zouden ze opgefokt de dag doorbrengen of zouden ze één grote geoliede machine lijken? En hoe zou het voelen om het lijf van iemand anders aan te hebben? Zou die ook zoveel kleine ongemakken voelen of juist helemaal niet? Daar ben ik altijd erg benieuwd naar geweest. Zulke bedenkingen werk ik dan uit in gedichten. Toen we je gedichten lazen, kwamen ze bij ons over alsof het beelden zijn die onstuitbaar vanuit je diepste binnenste opwellen en zonder al te veel erover na te denken worden genoteerd. Klopt dat? Ik denk van wel, ja. Ik schrijf sowieso wel beeldend, alsof ik als een idioot met mijn handen grote gebaren in de lucht aan het maken ben. Het werkt vaak het best als ik gewoon meteen opschrijf wat ik voor me zie. Ik ben ook veel bezig met mooie dingen in mijn schrijfsels. Ik kan zo genieten van mooie dingen en zie ze in van alles. En dan doel ik niet op standaard mooie dingen, maar schoonheid met karakter, de grovere kanten erbij genomen dus. Zo probeer ik ook mijn gedichten te schrijven en contrasten te creëren. Refereer je nu naar die 'dromerige meisjesgedichten', waarvan je op je weblog zegt 'last' te hebben? Waarom vind je van jezelf dat je dat soort gedichten niet meer zou moeten schrijven? Inderdaad, als ik over mooie dingen schrijf, lukt het me niet altijd om iets rauws, iets concreets in mijn gedichten te verwerken. Het is wel eens goed om met je handen in de lucht te zwaaien om beelden te creëren, maar het is ook wel fijn om, in plaats van je een sprookjesprinses te wanen, nuchter naar een huis, een boom of een vieze oude man te wijzen. Er wordt enorm veel gepraat over poëzie. Literaire tijdschriften en weblogs publiceren vaak essays met alle soorten vragen die je over poëzie en de poëziewereld kunt stellen. Hoe sta jij daartegenover? Het is natuurlijk altijd goed om ideeën uit te wisselen over poëzie, maar ik heb zelf niet veel behoefte om me in dat soort gesprekken te mengen. Het is zo'n persoonlijke kwestie aangezien het voor mij onder 'kunst' valt, dat een ingewikkeld onderwerp is. Ik schrijf liever over andere dingen, denk ik. En voor mij is het, als het erop aan komt, gewoon heel simpel: als een gedicht iets teweegbrengt bij iemand, dan is er toch al genoeg gezegd? Toch filosofeer je graag in het algemeen? Ja, daarom was het ook voor mij de meest voor de hand liggende studiekeuze. Van kleins af aan ben ik een ontzettende denker en een dromer. Op de basisschool stond er altijd op mijn rapport: 'Goed rapport Ama, maar niet zoveel dromen!' Op de basisschool hadden wij al filosofieles, op de middelbare school ook, en nu wil ik me er in gaan verdiepen. Als het kan, doe ik daarna graag een master in genderwetenschappen. Ik ben erg geïntrigeerd door man-vrouwrelaties. Mijn - misschien te - ambitieuze plan is om er over een jaar of twee ook een studie Slavische talen bij te gaan volgen. Het lijkt me heerlijk om zo'n prachtige taal vloeiend te kunnen spreken, de mysterieuze cultuur beter te leren kennen en de literatuur te kunnen lezen. Een reis naar Rusland, of eigenlijk reizen an sich, wil ik al heel lang. Dat zijn heel wat studeerplannen. Hoe zie je jezelf dan over dertig jaar? Zal je nog schrijven? Ik denk dat ik nog wel zal schrijven; om mezelf te documenteren, om te creëren en om te ventileren. Hopelijk heb ik over dertig jaar veel van de wereld gezien, heb ik een eigen bundel en schrijf ik een stuk beter dan nu - ik voel me altijd een beetje een dichteres in een doosje. En misschien is het wel helemaal geen dichteres, maar een heel ander wezen dat er uit zal fladderen. Je weet het natuurlijk nooit. naar de gedichten van Amarantha Groen [gepubliceerd: 6 september 2008] |
||
| ^   > | deze tekst printen |