| Meander * Eerder * Dichters * Peter van Galen | ||
|
Peter van Galen Met een mensenkop Vannacht heb ik weer de waarheid gezien. Mussen met een mensenkop en honden stonden klaar ze te berijden. Misschien werd het me door een dode gezonden, als waarschuwing: kijk toch eens om je heen! Je zou het best geloven. De straten stroomden ermee vol vandaag. Ik alleen had het daadwerkelijk in de gaten. Iedereen is gek, wil ik maar zeggen, behalve uw diep bescheiden dichter. Die gaat zich voorlopig niet omleggen, ook krijgt Bacchus hem vooralsnog niet klein. Laat ze een ander de plomp uit dreggen: ik moet nog de panische paling zijn. In de sneltrein
Gezeten in de sneltrein naar het noorden
probeer ik wat te lezen, dan te slapen, maar kom niet tot rust en zie pas woorden na langdurig letters bij elkaar rapen. Kijk tenslotte maar naar een afbeelding die in felle kleuren hangt te vloeken in het groen van de coupé. Slechts heel gering acht ik de kans dat mij niet iets komt zoeken. Eeuwigheid
Na lang ontvluchten ben ik hier aangekomen.
Een blauwere lucht, een diepere gloed van lust en bovenal: geen paniek meer in mijn dromen. Hier blijf ik, hier vind ik eindelijk eeuwig rust. Het meisje aan mijn zijde beweert dat eeuwigheid groter is dan wij, dat wij nergens van weten, maar ik open nog een blik onverschilligheid en zeg dat ik alles gelukkig ben vergeten. |
||
| <   ^   | deze tekst printen |