Meander * Eerder * Dichters * Dirk Vekemans
 
Dirk Vekemans



MARITIEM


Omdat je toen toch zo doordacht
het kleine meisje speelde
& elkeen die naar je lachte
vol ontzetting na één nacht
nooit meer uit zijn woorden kwam;

omdat de giechel mij beviel
waarmee je om het leven gruwde
& elke waarheid die ik sprak
je even kostbaar was als het ivoor
dat in je mond vergeelde;

omdat er verte in je ogen stond
& schoonheid zich die tijd
met jou had aangekleed:

kom & berg nu blozend maar
je sterren in hun kastje
gooi onachtzaam al je linnen
aan de haak, pulk dat strakke koordje
van je haardot los, snoer je leegte
rond het mastje dat ik maak.


uit 101 Eigentijdse Aanroepingen van de Muze, bundel in voorbereiding




LACONIEK

Leef je dagje, zweveteefje,
want ik kleef je lieve lijfje aan
als aarde 's nachts aan lucht.

Drink je wijntje, fuivetrijntje
want ik zwelg je klanken tot het barst
& knarst van stille pijn.

Lik je ijsje, snoepedoosje,
want ik kauw je zinnen tot het bloedt
uit bleke blaadjes roos.

Lach je lachje, linkepinkje,
want ik maak je sprookjes groot & hol
vol droeve gorgeling.

Moraal :
Strijk je kopje, zwavelstokje,
want ik ben vuur waar jij niet bent,
& water waar je zwemt.


uit 101 Eigentijdse Aanroepingen van de Muze, bundel in voorbereiding




THERAPEUTISCH

Slaap mooi, slaap nu, slaap niet.
Verhef je fijnst besnaarde gil
tot in je spiegel krolse poezen
elke stilstand woest verdoezelen.

Breek dan, in je dag die sterft,
mijn boerse woorden aan,
ontdubbel mij tot ik
die aan je voeten geuren lik

van hoe je heilig bijna
bij mij lag, niet bij mij ligt,
tot mij verworden zal. Omarm
mijn schaduw in je diepste nacht,

lees mij tot ik dronken dans
& schenk je glas dat zingt
nog éénmaal vol van mij & drink
& droom, droom niet, droom zacht.


uit 101 Eigentijdse Aanroepingen van de Muze,
bundel in voorbereiding





 
<    ^    deze tekst printen