Meander * Eerder * Gedichten * Dylan Thomas
 
Karel Wasch


Dylan Thomas


Ik wist niet dat ik over jou mocht dichten
je woorden mocht beroeren, al heb ik mij vermand
mijn vriend, groot kind en of het zo moet zijn, luister
ik maar tegentijds naar klanken
Onder het Melkwoud in ochtendbries
van ongehoorde dichterlijke dag, jouw lach

nog niet bevroren, we dronken tot
de zon ons wiegde bij de slapen en
alles rijmde in de verre schappen
van de tovernacht.

Maar ook de dagen deelden
in ons samenzijn, en alle gouden woorden
moesten wel verstommen, je werd een schaduw in
je eigen echoput, herhaalde wat men nog
eens wilde horen en jij zelf al lang niet meer verstond
je lippen zat van whisky en hees de trilling
in je stem die zich soms even log verhief
tegen het dalen naar een aarde
waar je geen rustplaats vond, ik heb je
laten gaan, je had me al zoveel gegeven
al is het nooit genoeg
geweest.


 
^