Meander * Eerder * Interviews * Leo Peeraer van uitgeverij P
 



Poëzie is filosofie voor de ziel
Annette van den Bosch in gesprek met Leo Peeraer van uitgeverij P


Een stevige man met een vorsende blik in zijn bruine ogen noodt mij binnen de poorten van zijn vesting. Het pand waarin Leo Peeraer, uitgever en oprichter van uitgeverij P te Leuven, is gevestigd doet denken aan een klooster. Mijn nieuwsgierigheid naar uitgeverij P werd gewekt door enige prachtige uitgaven, zoals de dichtbundel van Gerda de Preter die onlangs verscheen.

Peeraer vertelt me over zijn uit de hand gelopen passie. 'Uitgeven is niet winstgevend, zeker niet als je voornamelijk dichtbundels van minder bekende dichters uitgeeft.' In 1980 begon Peeraer met uitgeverij P omdat hij liever voor zichzelf dan voor een baas hard wilde zwoegen. Daarvoor werkte hij op de uitgeverij van het Davidsfonds en weer dáárvoor was hij werkzaam als advocaat. De kennis die hij opdeed in de rechtenstudie en de studie wijsbegeerte gebruikt hij in de avonduren als repetitor voor Leuvense studenten. Bij de uitgeverij zijn op het moment naast hemzelf nog een fulltimer en twee parttimers in dienst. De oplage van de bundels die hij uitgeeft, ligt tussen de 350 tot 500 exemplaren. Daarvan worden in de eerste twee jaar meestal 300 exemplaren verkocht. 'De poëtica die wij aanbieden is divers, relatief toegankelijk, vlot leesbaar en rijk aan beelden. Kortom, literair goed in elkaar stekend.' Daarbij bewaakt de uitgever vooral dat een bundel niet te veel een egodocument is en dat de gedichten universeel genoeg zijn. In het fonds zijn relatief weinig postmodernen opgenomen.

'Hoewel er veel mensen zijn die poëzie en proza schrijven, zijn er relatief weinig lezers, of in elk geval kopers. Veel poëzielezers lenen van de bibliotheek. Dat is spijtig. Als al die mensen bundels zouden kopen, zou het met het boekenvak veel beter gaan. Het gaat weliswaar de laatste jaren beter dan daarvoor. Wat voorheen de pastoor en de psycholoog waren is nu de poëzie. Poëzie is filosofie voor de ziel,' ondervindt Peeraer, 'het is een zingeving.'
Hij spreekt met weemoed over Ben Reynders, die twee jaar geleden overleed. Reynders was een bezieler van de poëzie bij de jeugd. Hij organiseerde wedstrijden voor zeven tot dertigjarigen. Voor dit soort wedstrijden kwamen 50.000 inzendingen binnen per jaar. Ook in Nederland is hij de laatste twee jaar van zijn leven actief geweest. Er zijn nogal wat jongeren vanuit zijn 'kring' die als dichter naar boven drijven, zoals Paul Bogaart en Peter Holvoet-Hanssen. Als we over de laatste dichter spreken, vertelt Peeraer dat dit een van de dichters is die hij helaas in zijn fonds heeft misgelopen.

Ik vraag naar het uitgeefproces bij uitgeverij P. 'Per jaar komen er zo'n 250 tot 300 manuscripten binnen. Deze manuscripten worden door drie of vier lectoren gelezen. Als twee lectoren het werk de moeite waard vinden, lees ik het zelf en neem een beslissing of het wordt aangenomen. Vervolgens vinden gesprekken met de schrijver plaats, worden gedichten aangepast op basis van de leesrapporten van de lectoren, geordend op een goede volgorde en wordt de lay-out doorgenomen. Dan wordt de bundel in productie genomen. Tevens bespreken we hoe en wanneer het boek in de publiciteit gebracht zal worden. Zodra de bundel is gedrukt, vindt een boekpresentatie plaats samen met de auteur, op dat moment worden altijd de meeste bundels verkocht.' Daarna volgt een circuit van lezingen in bibliotheken, dorpen, gemeenten. De auteur kan bij die signeersessies zijn boek tegen inkoopsprijs van de uitgever kopen en dan verkopen. Dat motiveert de auteur om zelf zijn boek aan te prijzen. Daarna pas wordt het boek aan een aantal boekhandels aangeboden. Peeraer geeft aan dat auteurs soms ongeduldig informeren wanneer ze eens bericht krijgen over hun werk. Dan moet hij antwoorden dat het nog een tijd op zich laat wachten. Het is altijd druk op een uitgeverij met zo'n kleine bezetting. Eenmaal per half jaar worden manuscripten geretourneerd. De stapels brieven, documenten, manuscripten die in het kantoor verspreid liggen over tafels, in de kasten en op de grond zijn daar getuige van. Er is nauwelijks plaats om te zitten.

Soms vraagt Peeraer een vertaler voor een project. Het Pauselijk Leugenpaleis, een selectie met hertaalde gedichten, is als project bijvoorbeeld begeleid door Patrick Lateur. Vertalers van wie vaak gebruik wordt gemaakt zijn Claes, Van den Bremt, Smeets, Thomas en Nijmegen. In het poëziefonds zijn naast hedendaagse poëzie in vertaling ook vertalingen van klassieke poëzie opgenomen en sinds kort startte de Parnassusreeks, met verzameld werk van opmerkelijke Nederlandse dichters.

Terwijl wij spreken wordt regelmatig aan de deur gebeld en getelefoneerd. De een wil een handtekening op een contract, de ander een manuscript aanbieden, weer een ander komt een afspraak voor een interview maken en weer een ander wil een nader contact. Het blijft een bedrijvigheid, terwijl wij doorgaan met het bespreken van zijn uitgaven. Opvallend is dat in Vlaamse kranten weinig Nederlandstalige bundels besproken worden, terwijl vertaalde buitenlandse werken wel worden opgemerkt. In Nederland wordt volgens Peeraer veel meer aandacht geschonken aan de eigen dichters. Hij hoopt dat die ontwikkeling ook in België wordt overgenomen. 'Over een jaar of tien, want alles loopt bij ons tien jaar op jullie achter', grapt hij.

Naast poëzie besteedt de uitgever veel aandacht aan kunst. Er is de miniatuurreeks en er zijn gelegenheidsuitgaven. Een mooie uitgave daarin wordt een bundel over poëzie en wijn. Een kunstzinnig boek met kleurenfoto's waar elk element van de wijn aan de orde komt van de druif, tot de pluk en de oogst. Het telt 200 pagina's en komt volgend najaar uit. Ter introductie op zijn mooie uitgaven laat hij mij zien wat er allemaal gemaakt is de afgelopen periode. In het magazijn vol dozen met prachtige bundels laat hij mij de fraaiste exemplaren zien. Opgetogen vertelt hij over zijn dichters, de bundels en de gedichten. Ik sta watertandend toe te kijken, vooral als hij mij ook nog fraaie bundels meegeeft voor thuis. Daarmee kan ik menige winterse avond doorbrengen. Zijn uitgaven zijn een aanrader, dat is zeker. Ik verheug me al op de vrije dagen, waarop ik mij in mijn eigen klooster terug kan trekken.

Nadere informatie over uitgeverij P en de uitgaven is te vinden op www.uitgeverij-p.be.



[gepubliceerd: januari 2004]
 
^