| Meander * Eerder * Recensies * Vogel op steen - Hannie Rouweler | ||
|
'Ik schreef dan maar weer een gedicht'
Atze van
Wieren over Vogel op Steen van Hannie Rouweler
Bij mijn voorbereiding op deze recensie las ik dat Hannie Rouweler (1951) al veertien dichtbundels heeft gepubliceerd, dat haar werk wordt aanbevolen door Menno Wigman en Leo Vroman, dat gedichten van haar zijn vertaald in het Engels, Pools, Spaans, Roemeens en Noors en dat zij bij de samenstelling van Vogel op Steen werd geadviseerd door Henk van Zuiden en Ronald Ohlsen. Dit loog er niet om. Ik ging er voor zitten, of, beter gezegd, ik begaf mij eerst naar de plaatselijke bibliotheek om via het programma Literom te onderzoeken hoe het vorige werk van Rouweler door critici was ontvangen. Het programma reageerde niet op de naam Rouweler. Ik zou het geheel op eigen kracht moeten doen. Wat mij bij eerste lezing opviel, was de toegankelijkheid van haar poëzie. Het zijn over het algemeen gedichten die zich makkelijk laten verstaan. Er staat wat er staat. Ik ben geen liefhebber van cryptogrammenpoëzie. Veel van het hedendaags postmodern geneuzel lijdt aan die kwaal. Gedichten, die, ook al herlees je ze eindeloos, gesloten blijven. Het zijn gewilde maaksels, geleerde spelletjes, dorre non-poëzie van schrijvers die zich dichter achten en weer eens met een bundeltje op de markt moeten komen. Een gedicht moet iets willen meedelen, moet hart en ziel hebben, moet zingen. Dat wil niet zeggen dat ik een liefhebber ben van gemakkelijke poëzie. Integendeel. Een gedicht moet spannend zijn, moet zich liefst niet meteen geven, moet iets verbergen. Er moet niet staan wat er staat. En toch moet je bij eerste lezing meteen voelen dat er iets heel wezenlijks wordt gezegd. Zó is het, denk je, en wat is dat máchtig mooi gezegd. Welnu, het merendeel van de gedichten in Vogel op Steen heeft dat niet. Ze zijn mij te plat. Té gemakkelijk. Dat geldt zeker voor de gedichten die de liefde tot onderwerp hebben. Een voorbeeld: Verwarring
Leg je hand maar hier. Niet op de leuning of om de hals van een fles wijn. Glijd niet met je hand over een landkaart, steden, rivieren. Pak geen pen en papier voor woorden. Leg je hand maar hier waar hij het beste ligt. Op deze plek. Veel gedichten komen niet verder dan het vertellen van een verhaaltje (bijv. 'Praag', 'Als eerste keer'), of verwoorden simpel een observatie, zoals in 'Groningen' en 'Café in Groningen'. Rouweler geeft het zelfstandig naamwoord graag een romantisch bijvoeglijk tintje: vage stemmen, laatste golfslag, blinde voorjaarswind, laatste aanblik, verre schaduw, enz. Schrappen, schrappen zou ik haar willen toeroepen, het gedicht wordt er veel sterker van. Misschien zou Rouweler zich ook eerst eens op het hoofd moeten krabben, voordat zij, zoals ze in Tuinen zegt 'maar weer eens een gedicht schrijft.' Er worden al veel te veel gedichten geschreven en uitgegeven waar niemand op zit te wachten. De gedichten binnen de vier onderafdelingen (Hogeland, Dinkel, Kempen, Andere plekken) lijken tamelijk willekeurig gerangschikt. Alleen die in Dinkel hebben een duidelijke inhoudelijke samenhang. In Hogeland staat maar één gedicht dat enigszins specifiek voor Hogeland is (Usquert). Is er dan niets aardigs of positiefs te melden? Ja, toch wel. Hier en daar in de bundel komt de echte dichter naar voren, bijvoorbeeld in het mij aansprekende 'November Blues': November
Blues
Achter kale takken in het midden van een boom de zon brede en langwerpige stralen die het uitzicht verblinden naar het gras waarop kristallen. Kristallen smelten voor je ogen als je lang kijkt. Het gazon vol schaduwen van dunne stammen. Wat gebeurt hier? Ik houd mijn adem in voor de stilte in mijn hart. Als niets meer verroert word ik klein en voorzichtiger zodat niets breekt in wat me raakt. Zo staan er nog een paar goede gedichten in deze bundel. Toch wens ik Rouweler een redacteur toe die onbarmhartig schrapt. Beter een paar goede bundels dan veel matige. Over redactie gesproken: op blz. 40 staat het woord 'zelpafs' wat waarschijnlijk een zetfout is en op blz. 20 ontbreekt in regel 16 'er'. En mij is niet duidelijk wat de foto van een kerkmuur op de omslag toevoegt aan titel of inhoud van deze bundel. Hannie Rouweler – Vogel op steen
Uitgeverij Passage, Groningen 2005; 48 blz.; € 13,- ISBN 90 5452 127 9 [gepubliceerd: 10 april 2005] |
||
| ^   | deze tekst printen |