| Meander * Eerder * Recensies * Francie van den Hurk - Herbergzaam | ||
|
Francie van den Hurk - Herbergzaam
Einde van een huwelijk
door Rieuwert Krol
Herbergzaam is de tweede bundel van Francie van den Hurk. Haar eerste bundel Naastenparade werd vooral geroemd om zijn anekdotische kracht. In Herbergzaam is ook weer sprake van een groot aantal anekdotes, die op een soepele wijze maar met een vaste hand zijn gecomponeerd. De bundel opent met een monoloog van een man of vrouw die kennelijk in paniek, maar misschien ook al weer beheerst, beschrijft hoe een geliefde met spoed naar het ziekenhuis werd gebracht.
Je zou leven man.
Traumalicht, je hemd je lippen blauw was nooit je kleur, je stokt mijn adem (p. 5) De fragmentarische beelden en de spreektaaltoon zijn in dit gedicht met zo'n dramatisch onderwerp een prachtig middel om de lezer bij de lurven te pakken. Dat is toch wat een dichter wil. Het onderwerp van een gedicht moet tot uiting komen in de vorm. Een ander gedicht - geheel anders van onderwerp en toon - gaat in op de eisen die deze tijd aan vrouwen stelt:
Achter mij geduldig
de ik in seksloos shirt en idem slobberbroek, weet er komt een dag dat een tandenborstel kam en zeep voldoen (p. 26) Van den Hurk overtuigt het meest wanneer ze over een pijnlijke situatie in een (liefdes)relatie schrijft. De situatie wordt dan compromisloos beschreven in een heldere taal. Als ze over 'huiselijkere' onderwerpen schrijft, wordt het flauw doordat het gegeven niet interessant genoeg is. Het gedicht 'Hersenspoeling' deed me wat de opbouw betreft denken aan een beroemd gedicht van Nijhoff, namelijk 'Impasse'. De dichter vraagt daarin aan zijn vrouw wat hij moet schrijven. Dat gedicht eindigt in een variatie van Nijhoff zelf als volgt:
En zij antwoordt, terwijl zij langzaam-aan
het drup'lend water op de koffie giet en de damp geur wordt: een nieuw bruiloftslied. (Van den Zande, De Nachtegaal hervat zijn lied, p. 70) Van den Hurk laat haar gedicht 'Hersenspoeling' zo eindigen;
Maar de domper plompverloren
op de avond onze grote monden schraal van het gekakel zonder kop, zijn nieuws, iets woekert in zijn lijf dat ongewassen moeilijke kleurt het sop langzaam rood. (p. 8) Wanneer Van den Hurk expliciet schrijft over een zieke, stervende moeder is ze niet sterk. Wanneer het niet genoemd wordt maar toch duidelijk aanwezig is, is het ontroerend:
Ze kookt roerend in me mee naast en aan het aanrecht, geen maaltijd zonder. Ik schil piepers flinter hongerwinter dun (…) (p. 35) Over een kapot huwelijk schrijft Van den Hurk: 'Omvergeblazen/ ligt ze tussen huis en hemel, het huwelijk/ klappert als een golfplaat (…)' (p. 29). Het gedicht eindigt in een mooi, maar treurig beeld: '(…) hij maait/ voor het laatst het gras.' 'Herbergzaam' is een goede bundel die niet bijzonder opmerkelijke gedichten bevat. De dichter heeft het zichzelf soms te makkelijk gemaakt, maar de gedichten die er het meest simpel uit zien zijn de beste en de pijnlijkste. Francie van den Hurk - Herbergzaam
Uitgeverij De Harmonie Amsterdam, 2006, 44 blz.; € 13,50 ISBN: 90 6169 795 6 [gepubliceerd: 30 juni 2007] |
||
| ^   | deze tekst printen |