Meander * Eerder * Recensies * Edwin Fagel - Uw afwezigheid
 
Edwin Fagel - Uw afwezigheid
Verontrustende alledaagsheid
door Bouke Vlierhuis

Bij uitgeverij Nieuw Amsterdam hebben ze een neus voor talentvolle jonge dichters. De uitgeverij die eerder op Pim te Bokkel en Bernard Wesseling trakteerde, brengt ons nu het debuut van Edwin Fagel. Wat het nog leuker maakt, is dat de dichters qua stijl zo ontzettend weinig op elkaar lijken. Waar Te Bokkel observerende poëzie schrijft met een sterk filosofische inslag en Wesseling de frontale aanval op onze beeld- en consumptiecultuur inzet, maakt Fagel verhalende spreektaalgedichten, met beelden die bedoeld lijken om de lezer met zachte hand in de goede richting te helpen.

Voor wie de poëzie een beetje (via internet) volgt, kan Edwin Fagel geen vreemde meer zijn. Hij schrijft voor De recensent, zit in de redactie van Blue turns grey en publiceerde in een aantal literaire tijdschriften, waaronder Meander. Twee van de gedichten uit Uw afwezigheid zijn dan ook hier te lezen.

De thema's van Fagels gedichten zijn klassiek, universeel en alle vervat in de titel van de bundel. De dood, de gemiste geliefde, de al dan niet bestaande God. Ook het vader-zoonthema komt veel voor in Uw afwezigheid, wat de titel een vierde mogelijke interpretatie geeft: de afwezigheid van een vader. De thema's komen, tegen het eind van de bundel, ook mooi samen in het gedicht 'U zult vannacht bevallen van een zoon'.

U zult vannacht bevallen van een zoon

Ik denk weleens: zou u net als ik
soms uw lijf bekijken
en in verrukking raken dat het bestaat?

Er ligt vannacht een jongen op het kruispunt.
Hij ligt half op zijn zij bij het stoplicht, zijn discman
op de stoep. Nun will die Sonn' so hell aufgeh'n.

Kijk, zeg ik, je droomt. Je zult niet kunnen zeggen
waarvan, en niemand zal je naar het licht vragen,
de wenkende handen, want die zijn er niet.

Mijn enige plan, zingt hij,
was mijn lippen op uw voorhoofd drukken,
u wacht op me? U zal de moeder van mijn kinderen zijn?

'Het voertuig bewoog zich met hoge snelheid over de Kerklaan
in de richting van het centrum. Getuigen verklaarden
niets te hebben gezien.' Mij, zingt hij, rest de omhelzing.

Wees niet bang. Ik heb een heuglijk bericht.

Fagels stijl is licht en onheilspellend tegelijk. Zelfs zijn literatuurverwijzingen, zoals in dit gedicht naar een tekst van Friedrich Rückert, zijn speels en terloops. Nooit wordt het bedrukt of somber, maar altijd gaat het over de dood. Fagel kan schrijven over schijnbaar triviale zaken - iemand die zijn sigaretten zoekt, een kat die de straat oversteekt - en altijd is het grote drama overal in aanwezig. Fagel is meester van de verontrustende alledaagsheid. Dat heeft er ook mee te maken dat zijn gedichten hermetischer zijn dan de parlandostijl op het eerste gezicht doet vermoeden. Vaak lijkt hij een alledaags tafereel te beschrijven, maar blijkt het toch om een complexer beeld te gaan. Die rijkheid aan betekenis en het gebruik van suggestieve woorden en beelden leiden ertoe dat de tafereeltjes die hij beschrijft een eigen leven gaan leiden, zoals in 'Bij de nederlaag der revolutie'. Een fragment:

Ineens is hem het bezongen landschap vreemd,
de vitalistische dichter valt van het duin.

De zee ruist als altijd.

Hij ligt in het zand. Hij spant zijn spieren.
Hij probeert de stem van zijn moeder te horen,
de kracht van zijn bloed te voelen voor
de strijd van de arbeiders.

Wat is hier gaande? Bij eerste lezing denk je het te weten: een dichter let niet op en valt voorover van een duin. Plat in het zand gelegen hoort hij de zee en in plaats van op te staan laat hij zijn gedachten afdwalen. Maar dan gaan de ongerijmdheden opspelen en wordt alles weer wazig. Welke arbeiders? Welke revolutie? En wat heeft zijn moeder er mee te maken? En halverwege de tweede lezing van wat op het eerste gezicht een volmaakt anekdotisch gedicht lijkt, voeren de associaties de boventoon en is het verhaaltje op de achtergrond geraakt. De dichter in het gedicht sterft overigens niet. Fagel stelt ons in de laatste regel gerust:

Helm wuift, in de verte zwelt de zee.
Hij ademt in en uit.

Of toch niet? Het zou immers ook de zee kunnen zijn die hier doorgaat met ademen, de dode dichter op het strand negerend. Zo wordt het lezen in Uw afwezigheid een verrukkelijke kwelling. Een superdebuut.

Edwin Fagel - Uw afwezigheid
Nieuw Amsterdam, Amsterdam, 2007; 56 blz.; 14,90
ISBN 978 90 468 0333 2


[gepubliceerd: 25 januari 2008]
 
^