Meander * Eerder * Schrijvers * Annemiek Schrijver
 

Interview met Annemiek Schrijver
'Loverboys en liposuctie interesseren me geen bal'
door Jeroen Dera

Een multitalent: zo kunnen we Annemiek Schrijver wel noemen. Ze presenteert elke zondag het levensbeschouwelijke televisiemagazine Het Vermoeden, voltooide het conservatorium en schreef gedurende twee jaar columns in de Gelderlander. Begin dit jaar bewees zij dat ze ook schrijven kan: naar aanleiding van haar debuutroman Rachab noemde hoogleraar boekwetenschap Christiane Berkvens-Stevelinck (Radboud Universiteit Nijmegen) haar een vrouwelijke Siebelink. Reden voor Jeroen Dera om haar aan de tand te voelen over het schrijverschap, God en meer.


Hoewel uitgevers Schrijver jarenlang belaagd hadden met het verzoek een boek te schrijven, kwam Rachab min of meer uit de lucht vallen. 'Ik ben eigenlijk gewoon gaan zitten en drie maanden later was er een boek', vertelt Schrijver. 'Ik had geen plot, helemaal niets. In een vlaag van verstandsverbijstering heb ik een tuinhuisje gekocht, waar ik het boek van A tot Z heb geschreven. Daarna ben ik ermee naar Prometheus gegaan. Vorig jaar heb ik voor die uitgeverij een gebedenbundel samengesteld, en men had me gevraagd ook eens een roman te schrijven. Wat dat betreft ben ik van de hoge duikplank geduwd. En laat ik nu heel gevoelig zijn voor mensen die mij van de hoge duikplank duwen...'

Hartstocht
Een schrijver voelt Annemiek zich, ondanks haar achternaam, geenszins. 'Ach, "schrijver" is ook maar een woord. Wat moet je antwoorden als iemand vraagt of je schrijver bent? Het is eigenlijk hetzelfde als vragen: "Ben jij nu boeddhist?" Je kunt niets met zo'n vraag. Ik ben geen schrijver. Ik ben Annemiek.'
Toch heeft Schrijver een duidelijke mening over wat goede literatuur is. 'Je moet vergeten dat je aan het lezen bent; één worden met het verhaal. Identificatie is van levensbelang. Er moet hartstocht in een boek zitten; er moet een inzicht in gevangen worden. Goede boeken zijn altijd toverachtig: ze slorpen de lezer op. Ik denk dat wij allemaal eenzaam zijn en dat we dat vergeten als we een goed boek lezen. Wie schrijft, kan eenzaamheid opheffen.'
Wie zijn dat zoal, hartstochtelijke schrijvers? Schrijver weet enkele auteurs te noemen die erin slagen eenzame lezers te omhelzen. 'Arthur Japin grijpt me enorm aan. Ik las laatst De overgave van hem. De toon in zijn stijl herken ik: er ligt enorm veel hartstocht in. Dat geldt ook voor de boeken van Geert Kimpen. In zijn De kabbalist vangt hij heel hartstochtelijk een groot inzicht. Dat vind ik knap.'

Maatschappijkritiek
Zowel in Rachab als in 'The voice', het verhaal dat Annemiek schreef voor Meander, gaat het hoofdpersonage op zoek naar zijn grenzen. Dat levert bij veel lezers geschokte gezichten op. Schrijver schrikt wel eens van de moralistische reacties op haar teksten. 'Ik zat begin dit jaar bij Pauw en Witteman en daar werd heel vreemd op mijn boek gereageerd. Het feit dat de vrouwelijke seksualiteit een belangrijk thema in de roman vormt, werd heel beknepen behandeld. Het leek wel of ik bij Andries Knevel zat. De publieke opinie wordt enorm beknot door veel moralisten op tv. Het lijkt wel of we nog steeds in de jaren vijftig zitten.'
Zulke maatschappijkritiek is Schrijver niet vreemd: ze schemert ook door in haar verhalen. Het gaat de auteur echter niet primair om het uiten van zulke kritiek: 'Ik vind het vooral erg belangrijk me in te leven in een personage. Die man uit 'The voice' gaat steeds verder in het aftasten van zijn grenzen en als schrijver wil ik me vooral bezighouden met zijn psychologie. Kritiek leveren is absoluut niet mijn doel als ik schrijf. Als Renate Dorrestein zegt dat ze geëngageerde literatuur schrijft, moet ik altijd een beetje gapen. Loverboys en liposuctie interesseren me geen bal. Wat mij interesseert, is ontdekken wat in elk mensenhart leeft.'

Receptenboek
Verwijzingen naar de Bijbel spelen een grote rol in Schrijvers werk. Ook in het dagelijks leven houdt ze zich veel bezig met levensbeschouwing, getuige de thematiek van de programma's die ze op televisie presenteert. 'Ik ben heel vroom', vertelt Schrijver. 'Dat wil zeggen dat ik me iedere minuut van de dag bewust ben van het feit dat er meer aan de hand is dan ogenschijnlijk lijkt. Jean Pierre Rawie ik hou wel van het grote woord noemt dat een "verhevigd bewustzijn". In een van zijn gedichten spreekt hij over een onguur wachtlokaal, dat aan de ene kant duidt op een sobere wachtruimte, en aan de andere kant voor ons leven staat. In feite wachten wij voortdurend op de dood. Eigenlijk zie ik altijd de twee kanten van het leven. Het goddelijke is overal aanwezig: het zit in het lijfelijke, en mensen kijken eroverheen. In dat verband vind ik de laatste zin van het Thomasevangelie enorm grijpend: "Maar het Koninkrijk van de Vader is verspreid over de aarde en de mensen zien het niet."'
Dat de Bijbel, waarvan zij veel kennis heeft, steeds losser geïnterpreteerd wordt, ziet Schrijver niet als probleem. 'De Bijbel mag blij zijn. Het is gewoon een gebruiksvoorwerp, net als ieder ander boek. Als je er zin in hebt, moet je het weg kunnen gooien al is weggeven natuurlijk beter. Wanneer mensen eruit halen wat zij eruit wíllen halen, blijft de Bijbel een levend boek. Het is als een boek met recepten: die maak je ook niet allemaal.'

Grondwater
Schrijver heeft op cultureel gebied nog vele plannen. Haar serieuze ambitie formuleert ze met een knipoog: 'Ik wil graag de Moeder des Vaderlands worden. Ik zou heel graag aan mensen willen uitzenden dat ze niet alleen zijn. In wezen doe ik dat op televisie ook, en in mijn verhalen probeer ik eveneens met hartstocht een identificatie te bewerkstelligen. Er is zoveel verborgen menselijkheid die ik wil ontsluieren. Het is ongelooflijk hoeveel bekentenissen ik in interviews te horen krijg, die nooit uitgezonden worden. Mijn schrijfwerk vormt een verdikking van honderden verhalen die mensen me hebben verteld. Dat geldt ook voor een project waarmee ik nu bezig ben. Graag wil ik het toneel op als toiletjuffrouw die als biechtvrouw fungeert. Want ook daar, op zó'n plaats, komen mensen met serieuze, belangwekkende verhalen aan. Ik voel het als mijn plicht die aan mensen mee te delen. Maar wel met een knipoog. De grote boodschap.'
Haar verhaal 'The voice' heeft Schrijver verder op het idee gebracht voor een tweede roman. 'Toen ik eenmaal doorhad hoe dat verhaal in elkaar stak, kwam er een boek bij me op. Dat is wel een verschil met Rachab: die roman heb ik geschreven zonder een idee te hebben waar het verhaal uiteindelijk heen leidde. Iedere dag was het een verrassing voor me wat er zou gebeuren. Over dit boek heb ik al meer nagedacht. Ik zie het eigenlijk vooral voor me als een film, en ik zou graag het scenario schrijven. Dat wil ik ook voor Rachab doen, waarvoor een filmproducent geïnteresseerd is. Recensenten reageren daar soms negatief op. Zodra iemand meer wil doen dan alleen programma's presenteren, zoals ik, meppen we hem dood. De cultuur in Nederland loopt over van jaloezie. Ons grondwater zal vergaan door de jaloerse urine die uit ons komt.'
Deze snoeiharde visie op de haar omringende wereld weerhoudt Schrijver er geenszins van te doen waar ze goed in is. 'De film komt er, het toneel komt er en het boek zal er ook komen. Als je niet uitkijkt.' Tot die tijd is Schrijver vooral druk met interviews. Een agenda houdt ze bij op haar website, www.rachab.nl. Daar plaatst ze ook korte, poëtische weblogs onder de noemer 'Schrijverette'. Ze geven een inkijkje in Schrijvers kleurrijke leven, waarin de literatuur een steeds prominentere rol gaat spelen.


naar het proza van Annemiek Schrijver


[gepubliceerd: 17 november 2007]
 
^    >