Meander * Eerder * Schrijvers * Brigitte van Aken
 

Interview met Brigitte van Aken
De vis is de plot
door Martine Iedema

Haar lievelingswoord is 'dochter' en als achtjarige schreef ze haar eerste verhaal 'De kat', over een verdwaalde kater die ze als kind onderdak gaf. 'Als kind was ik al gebeten door verhalen', vertelt ze, en gebeten is Brigitte van Aken (45) nog steeds. De Vlaamse schreef inmiddels zes boeken, over dingen die echt gebeuren of echt gebeurd zijn. In haar laatste jeugdroman Lieve Leugens bijvoorbeeld, zoekt de hoofdpersoon Ellen haar weg tussen leugen en waarheid. Haar moeder zit in de gevangenis, omdat ze haar man probeerde te vermoorden. Maar waarom? Een zoektocht naar liefde, de naakte waarheid, een klap in het gezicht.

Niet alleen schrijven bekoort Van Aken. Ze speelt, bekijkt, schrijft en regisseert ook toneelstukken. Op twee na vonden haar eigen boeken allemaal de weg naar de planken. Maar ze voelt zich vooral schrijfster, omdat het schrijven vorm geeft aan wat in haar leeft. 'Hoewel mijn toneelervaringen met spannende premières en de bijzondere sfeer tijdens de repetities wel meer beklijven. Schrijven is tenslotte een eenzame bezigheid. Het scherm, het gevecht met de taal op dat scherm, het glaasje wijn in de hoek en de ontevredenheid de volgende dag. Alles weer schrappen en herschrijven. Ontmoedigend soms.'

Schubben
Boeken en schrijven betekenen nogal wat voor haar: 'Ten eerste zijn mijn boeken voor mij een ontsnapping aan wat de dag van mij verlangt: goed zorgen voor mijn gezin en mijn leerlingen van de Handelsschool in Turnhout. Het schrijverschap vergelijk ik altijd met 'gaan vissen': de dobber volgen op het water, genieten van de stilte voor de storm. En dan... beet! De vis is de plot, de kleur en de schubben van het personage, de geur in het verhaal. De vis moet dan nog worden klaargemaakt: kruiden, braden, op smaak brengen. Hoewel, ik wil niet overdrijven.'
Dobber, vis, kruiden, braden. Van Aken illustreert dat met Barst, haar eerste jeugdroman, een oorlogsroman die zich afspeelt in de Kempen en uitgegeven is bij Manteau. 'Voor deze roman heb ik heel wat opzoekwerk verricht. Als ik bijvoorbeeld in dat boek over tien centimeter sneeuw op een bepaalde dag in februari 1943 spreek, lag dat pak sneeuw er ook echt. Dat is een kwestie van beroepseer. Het moet allemaal juist zijn. Ik heb het boek dan ook laten nalezen door een historicus. Hij kon mij niet echt op fouten betrappen.'

Maandagavond
Voor haar boek Lieve leugens, dat oorspronkelijk bedoeld was voor volwassenen, probeerde ze zelfs undercover te gaan in een vrouwengevangenis in Brugge. 'Daar was heel wat gelobby voor nodig, wat helaas op niets uitliep. De Vlaamse politicus Jean-Marie Dedecker heeft het voor mij verknoeid, toen hij een journalist de cel van Dutroux in smokkelde. Sinds dat incident word je gescreend. 'Een roman schrijven' is niet interessant genoeg, vrees ik.'
Van Aken had wel al eens een kijkje genomen in de gevangenis van Hoogstraten. 'Tijdens een theaterproject binnen die gevangenis zag ik hoe dun de grens tussen waarheid en leugen is. We werkten met gedetineerden die de ene maandagavond rad van tong waren en op het punt stonden waarheden te onthullen. De daaropvolgende maandagavond kwamen ze zonder blikken of blozen terug op hun woorden. Waarom? Wat bezielt mensen om zo'n web van leugens en halve waarheden te weven? Wie willen zij vangen in hun web? Ik merkte dat ze logen om zichzelf te beschermen. Misschien waren wij als 'burgers' ook wel bedreigend. Een theaterproject opzetten met gevangenen, dat is niet zo simpel, hé.'

Boos
De schrijfster vindt haar inspiratie bij haar leerlingen, denkt ze. 'Kinderen houden zich bijvoorbeeld niet bezig met de Tweede Wereldoorlog waarover ik doceer, maar wel met angst, overleven, verraad, collaboratie. Dit soort dingen kan ik gebruiken in mijn verhalen. Voor Lieve leugens heb ik mij gebaseerd op een eenvoudig krantenbericht. 'Vrouw probeert man te vergiftigen…motieven nog onbekend'. Mijn volgende verhaal gaat over een meisje dat besloten heeft nog maar duizend woorden te spreken. Het verhaal is gebaseerd op een oneliner van een boze leerlinge: 'Vanaf nu zeg ik niets meer.' Waarom zijn jonge mensen zo boos? Wat houdt hen bezig? Hebben ze niet vaak gelijk? Misschien is niks meer zeggen nog het beste? Het verhaal ontstaat soms als ik van thuis naar mijn werk fiets.'

Cliché
Voor Van Aken is schrijven een leuke bezigheid. 'Het bedenken van het verhaal, het worstelen met de taal, het op zoek gaan naar het juiste adjectief, en soms moeten toegeven aan het cliché, omdat het cliché veel meer zegt dan al het andere.' Soms vindt ze het schrijven ook moeilijk, vindt ze het lastig de spanning in het verhaal te houden en de lezers in te schatten. 'Het publiek is ook zo verscheiden. Neem één klas zestienjarigen. De ene is al toe aan literatuur, de andere blijft de hapklare brok verkiezen. Overigens probeer ik altijd zo te schrijven dat zowel pubers als volwassenen het spannend vinden. Sinds enkele jaren schrijf ik voor adolescenten. Schrijven voor plus vijftien vind ik écht leuk. Je zit in een schemerzone. In het leven van een jonge volwassene gebeurt doorgaans véél meer dan wij denken.'

Procedé
Het schrijven van een toneelstuk is anders dan een boek op papier krijgen. 'In een boek moet je béschrijven', legt ze uit. 'Toneelstukken schreeuwen meer om spitse, originele dialogen en om een kortere spanningsboog. Het is een ander procedé, maar geen gemakkelijker. Ik denk dat het genre zwaar wordt onderschat. Toneelstukken worden ook niet écht gelezen, tenzij door gezelschappen die er wat in zien.' Van Aken verbaast zich steeds weer hoe creatief een toneelgezelschap met haar stukken omgaat. 'In Gent was ik aangenaam verrast door het collectief jonge mensen en volwassenen dat samen Barst speelde. Zij deden dat bijzonder goed. Ik was ontroerd door de manier waarop.'

Dochter
'Als ik schrijf', zo voelt Van Aken dat, 'moeten mijn man en dochters mij vooral met rust laten. Daar hebben ze niet echt problemen mee. Meestal ligt de kleinste al in bed als ik schrijf, want ik schrijf meestal 's avonds. Televisiekijken is niet aan mij besteed. Ik ben heel kieskeurig. De tijd die rest moet worden ingevuld met dingen die ik écht graag doe.'
Een starre schrijfster is ze niet. Een verhaaltje voorlezen aan het bed van de jongste laat ze altijd voor gaan. 'Wat mijn gezin van mijn werk vindt? Mijn man is mijn fan, hè. Mijn oudste dochter Marlies is heel kritisch. De jongste, Iris, is nog maar tien en leest mijn verhalen nog niet, maar ze wil wel weten waarover ze gaan. Zij koos ook de titel voor het nieuwste boek dat ik net heb ingestuurd.'
Haar kinderen zijn niet de enigen die kritisch zijn. Ook van haar lezers hoort ze wel eens wat. Prettig vindt Van Aken dat. 'Ik krijg vooral respons uit Nederland. Ik wacht nog steeds op geluiden uit Vlaanderen. Er is te weinig plaats voor recensies van jeugdboeken in bijvoorbeeld Knack [Vlaams weekblad, M.I.] en in de kranten. Spijtig.'

Ook in de toekomst zullen we nog van haar horen. 'Ik blijf ademen en hoop vooral gezond te blijven. Dat is het grootste plan. Als het deeg in mijn hoofd kneedbaar en vers blijft, blijf ik toch zoeken naar stevige vormpjes. De aard van het beestje, denk ik. Dus ja, ik blijf wel schrijven. Ik zou ook graag een boek voor jonge kinderen schrijven. Mooi geïllustreerd. Er zijn plannen, maar ze moeten nog wat rijpen.'


naar het proza van Brigitte van Aken


[gepubliceerd: 12 januari 2008]
 
^    >