|
|
|
|
> |
Eén dag / Naomi Engels
Met mijn ogen op een kier ging ik op ontdekkingsreis onder de dekens. Behalve een pak koekjes van een week geleden, een paar vuile sokken die ik nog nooit had gezien en een studieboek over de evolutietheorie van Darwin kwam ik niets bijzonders tegen. Eens in de zoveel tijd moet je eens onder je dekens voelen, want je weet nooit wat je tegenkomt. Zo trof ik vorige week een behaarde voet aan waarvan de nagels al maanden niet waren geknipt.
|
|
|
|
> |
Tante Anna's dood / Jo Willems
Hoe heb ik het die drie uur uitgehouden, dacht ik bitter, toen ik ten langen leste mijn reistas het perron van station Keldersberg op smeet en uitstapte. Ik was bijna alleen. Na het hoofdstation van Kern was de drukte zienderogen afgenomen. Wie wilde er nou verder reizen naar de doodse mijndorpen Keldersberg, Ramsberg en Mariadorp?
|
|
|
|
> |
Walraven / Niek Kalberg
'U ziet 't, ik blijf maar met die verdomde jeugd in m'n hoofd zitten.'
Edward slaat zijn benen over elkaar en kijkt naar de man voor hem. Walraven ziet er uit alsof hij net uit bed is gekomen. Een warrige bos grijzend haar, grove zwarte wenkbrauwen boven vlezige wangen met een baard van enkele dagen.
|
|
|
|
> |
De wachtkamer / Henk van Straten
Op weg naar het strand rennen we over de steile weg naar beneden. Het is moeilijk, onze knieën zijn niet gewend aan de neerwaartse kracht. We volgen het flap-flap-flap van een corpulent mens, zijwaarts rollend, wit vlees over heet asfalt. We lachen, mijn vrienden en ik. We zijn bezweet en jong.
|
|
|
|
> |
De kool en de geit / Joop Schaminée
Met mijn vork prik ik in de grote, nog dampende aardappel op mijn bord. Hij is niet tot een kruimige massa gekookt en breekt in tweeën. De glazige breukvlakken ademen extra damp, die in witgrijze vlagen omhoog kringelt.
Aan een zijde steken bruin gemêleerde flarden van de dunne, opengescheurde schil over de scherpe rand heen.
|
|
|
|
> |
Spiegelijs / Inge Nicole Bak
Innerle keek naar het wit. Haar platte handen maakten een afdruk. Het eerste wat ze zag en voelde was het ijs. Later de lucht en toen ze verder strekte, kwam ze uit bij het water. Wat een schok. Wie was dat? Ze had er geen woorden voor. Innerle had woorden voor donker. Voor denken. Voor dromen in daglicht. Maar buiten de sneeuwhut was het leeg. Niets droeg een naam van betekenis.
|
|
|
|
> |
8 gesprekken / Bastiaan Kroeger
Ik was vijf jaar in dienst bij het callcenter van de Nationale Postcode Loterij. Het callcenter is gevestigd in de Van Eeghenstraat. Er zijn drie etages met beleilanden in de kleuren paars, geel en grijs. Tegen het plafond is nepgeld geplakt.
|
|
|
|
> |
Bella / Peter R. Hein
Het verhaal van Bella begon voor mij jaren later. Toen ik al lang vanuit Jerusalem naar Haifa was verhuisd. Ik reed met de bus naar het Technion, waar ik docent bouwkunde was. Die ochtend geselde de hitte van de chamsiem het hele land nog vroeger dan anders.
|
|
|
|
> |
Zwarte randen / Kobe van Steenberghe
Het moet ergens in de winter van 1992 geweest zijn, de eerste maal dat ik haar zag bij de antiquair. Ze stond daar in een koud donker hoekje en was met stof bedekt. Haar eenzaamheid riep me toe, verleidde me. Het zachte, warmbruine hout had een aantrekkingskracht op mij die ik nooit tevoren had ervaren.
|
|
|
|
> |
Baboesjka / Dominique Biebau
Vroeger perste ik elke ochtend sinaasappelsap voor je, want ik dacht dat dat zo hoorde. Tot je me vertelde dat de geur alleen al je deed kokhalzen. Toen begon ik verhalen voor je te schrijven. Die vond je wel goed. Behalve vandaag.
|
|
|
|
> |
Erwtjes / Philip Hoorne
Hugo kon zich niet herinneren de erwten zelf in zijn neus te hebben gestopt. Iemand anders moest hier achterzitten.
|
|
|
|
> |
Call-girl / Cor Snijders
Hij probeert haar een verzekering te verkopen,
maar opeens draaien de rollen om.
Toeval, of toch niet?
|
|
|
|
> |
Reverse / Philip Hoorne
Een geschiedenis van Vlaanderen en een toekomst
van Vlaanderen:
van linnen condoom tot duivelse pc.
|
|
|
|