Meander * Eerder * Wereldpoëzie * Papiamentu-poëzie
 
Interview met Aart G. Broek over Papiamentu-poëzie
Gecentreerd op elk eiland zelf
door Sander de Vaan

Dr. Aart G. Broek publiceerde een uitgebreide geschiedschrijving van de Papiamentu-literatuur. Tevens stelde hij met twee andere redacteuren een anthologie samen, waarin ook ruime aandacht wordt besteed aan de Antilliaanse poëzie in deze creoolse taal. Speciaal voor Meander selecteerde hij een reeks gedichten, die in de komende twee afleveringen van Wereldpoëzie zullen verschijnen.


In deze aflevering gedichten van - v.l.n.r. - Jopi 't Hart, Tip Marugg, Henry Habibe, Federico Oduber
en Imelda Valerianus-Fermina

U heeft zojuist een geschiedschrijving en anthologie van Papiamentu-literatuur gepubliceerd. Eerst iets over de taal zelf: hoe houdt die stand temidden van alle invloeden uit het Engels en Spaans op de Antillen?
Het Papiamentu is in de zeventiende eeuw ontstaan uit grammaticale, lexicografische, tonale en andere elementen van verschillende talen en heeft voortdurend invloeden verwerkt en bewerkt, zeker ook voor wat de woordenschat betreft, waaronder idiomatische inwerking vanuit het (Joods-)Portugees, Spaans, Nederlands, Engels. De 'basisstructuur' ligt in principe vast en wat er nu aan idiomatische projectielen mag aankomen, wordt geïncorporeerd op reguliere wijze, zoals dat al eeuwen geschiedt. In principe doen de sprekers van het Papiamentu dat niet anders dan die van, bijvoorbeeld, het Nederlands of het Spaans. De taal wordt al meer dan tweehonderd jaar door alle lagen van de bevolking als moedertaal aangeleerd. Het Papiamentu wordt overal gebruikt, zoals het Nederlands overal in Nederland. De taal zit goed in het zadel, zou je kunnen zeggen, daar ze de afgelopen jaren daarenboven een plaats in het onderwijs heeft verkregen, als instructietaal in de laagste klassen van het basisonderwijs, en als vak in het middelbaar onderwijs. Er is lesmateriaal ontwikkeld, er zijn woordenboeken, proefschriften over specifieke eigenschappen van de taal, er is zo veel aan literatuur in geschreven dat er een anthologie is samen te stellen.
Toereikend is het echter niet wat er voorhanden is, bijvoorbeeld voor het onderwijs, en zeker niet voor het universitaire onderwijs, of voor het reguliere lezen van literatuur of voor de intellectuele ontwikkeling in het algemeen: er zijn vrijwel geen romans van enig niveau in het Papiamentu en studies en essays verschijnen er nauwelijks of niet in het Papiamentu. Voor een bredere intellectuele ontwikkeling zul je buiten het Papiamentu moeten stappen. De taal houdt stand, ja, maar de vraag van belang is bovenal: hoe hard zou er gewerkt moeten worden aan de verdere consolidering en uitbouw van het Papiamentu? Hoe zinvol - in verschillende opzichten - is het bijvoorbeeld om de taal in het onderwijs als vak mee te nemen? Zou je moeten propageren om mensen zich te laten scholen in het schrijven van Papiamentu-proza? Is daar een droge boterham mee te verdienen? Zou er veel meer moeten worden vertaald? Wordt het dan ook gelezen? Het Papiamentu als onderwerp van politieke discussie dus: helpt het de eilandbewoners voldoende om de vaart van de internationale ontwikkelingen bij te houden, wanneer zij hun eigen taal koesteren en cultiveren... Vanuit dat perspectief is het voor het Papiamentu een veel hardere strijd om te overleven, vrees ik.

Is die strijd zo hard omdat de politiek zich onvoldoende met dit soort vragen bezighoudt?
Integendeel, de politiek houdt zich juist in zeer sterke mate bezig met de rol van de eigen taal in onder meer het onderwijs. Juist dat zorgt voor het verwaarlozen van wetenschappelijke kennis en inzichten in het onderwijstaalbeleid, voor onbezonnen uitroepen en beslissingen. Hiertoe behoort onder meer de gedachte - of beter, de illusie - dat je eerst je moedertaal, i.c. het Papiamentu, goed moet beheersen om een vreemde taal te kunnen leren. Vanuit die aanname wordt aan het Papiamentu meer en meer ruimte gegeven in het onderwijs, terwijl dit ten koste gaat van de kennisverwerving van een of meerdere vreemde talen. Dit laatste is een absolute noodzaak op de eilanden en zou meer sturend moeten zijn in beslissingen dan de koestering van de veronderstelde eigen identiteit die in het Papiamentu zou liggen. Die identiteit ligt juist in de noodzaak van meertaligheid. Die identiteit is de praktijk, als je daar niet op realistische wijze mee omgaat, zou je op de lange duur wel eens van een koude kermis kunnen thuiskomen. Die praktijk is ongetwijfeld sterker dan wat er ook bedacht wordt aan kunstgrepen om het Papiamentu een meer en meer dominante plaats in het onderwijs te geven.

Hoe is uw band met de Antillen en de Antilliaanse literatuur eigenlijk ontstaan?
Ik ben bovenal geïnteresseerd in 'literatuur' als onderzoeksmateriaal. Is dit vloeken in de kerk?

Nee hoor, althans niet in de onze.
Voor mij zijn verhalen, gedichten, romans, liederen, essays, toneelteksten e.d. een prachtige ingang tot het verkrijgen van inzicht in het denken en voelen, van mensen in een bepaalde groep in een bepaalde periode. Die teksten weerspiegelen de sentimenten en ideologieën in de loop van de geschiedenis. Fascinerend om te zien hoe dat denken en voelen verandert. Ik kijk er dus primair naar vanuit mijn specialisaties in de (historische) sociologie en communicatiewetenschappen. Ik hoef het niet mooi te vinden, mij gaat het er vooral om te achterhalen waarom, in de eilandelijke samenlevingen, bepaalde teksten tot literatuur werden of worden bestempeld en waarom dat gebeurt of is gebeurd. Literatuur - of wat daar in de samenleving voor doorgaat - als tekenend en als onderdeel van de intellectuele en ideologische geschiedenis.

Wat zijn de voornaamste kenmerken van de moderne Papiamentu-poëzie?
In het intellectuele discours - waartoe het literaire behoort - is op de eilanden de afgelopen vijftig, zestig jaar vooral dominant de vraag: wie en wat behoort nu eigenlijk onze eigen cultuur toe en wat is die eigenheid dan? De relatie met de wereld buiten het eiland, vooral met de westerse wereld, is een voortdurend punt van aandacht geweest: ooit om aan de veronderstelde en feitelijke eisen van niveau uit de westerse wereld te voldoen en later om je er heftig tegen te verzetten en het eigene te bejubelen. Behoren tot de essentie van die eilandelijke cultuur vooral de Afrikaanse en Afro-Caribische elementen en mensen of behoren de andere etnische groepen ook tot de 'eigen' cultuur. Vormen de verschillende sociaal-etnische groepen een eigen gecreoliseerde cultuur met elkaar, of is dat maar schijn en domineert een vorm van sociale segregatie langs etnische lijnen. Verder speelt in steeds meer aangescherpte vorm de vraag: in welke mate omarm je de westerse wereld of tracht je ze juist buiten de deur te houden. Het consumptieverlangen op de eilanden is dat van de westerse samenleving, maar ik kom geen poëzie tegen die de westerse wereld - in welke gedaante dan ook - bejubelt. Hoewel hier tienduizenden Curaçaoënaars naartoe zijn gekomen, die zich alleszins succesvol hebben genesteld in de Nederlandse samenleving, ken ik geen Papiamentstalige literaire teksten die dit succes bejubelen. Geen eilandbewoner die de schoonheid van een tulp beschrijft, terwijl de eilandelijke natuur in alle facetten tot in detail is beschreven als een soort literaire verovering van het eiland. Misschien is dit ook wel heel kenmerkend: de eilandelijke samenlevingen, hun bewoners, zitten in zekere zin midden in de westerse wereld, maar daar is in de literatuur niet veel van te merken. Het is bijzonder gecentreerd op elk eiland zelf.

Welke Papiamentu-dichters worden momenteel het meest geacht en gelezen?
Grote waardering is er voor auteurs als Pierre Lauffer, Elis Juliana, Nydia Ecury, Henry Habibe, Philip Rademaker, Roland Colastica, Carel de Haseth en Imelda Valerianus. Maar dit impliceert niet dat ze uitgebreid worden gelezen. Hun werk wordt vooral gekend doordat ze optreden, doordat hun werk wordt voorgedragen... Bij allerhand gelegenheden gebeurt dit - wat je een vorm van orale traditie zou kunnen noemen - en zo leren mensen de gedichten kennen. Ze worden ook wel met de nodige égards behandeld, al hebben schrijvers als Lauffer en Marugg op een gegeven moment ook wel kritisch uitgehaald naar het weinig respectvolle optreden van 'de' samenleving naar schrijvers. Martinus Arion, Ecury, De Haseth, Marugg, Lauffer en Juliana zijn ook allemaal lokaal op uiteenlopende wijzen gelauwerd, bij voorbeeld door de toekenning van de Cola Debrot Prijs of Chapi di plata (zilveren hak) van de Fundashon Pierre Lauffer.

Zitten er dichters tussen die u met name aanspreken?
Bij de gedichten die ik je heb aangeboden voor opname in Meander zitten enkele gedichten die mij bijzonder aanspreken. Qua oeuvre vind ik in het werk van Lauffer en Habibe zeer veel dat mij aanspreekt, ook in dat van Marugg, maar hij schreef niet zo veel gedichten in het Papiamentu. Wát in een specifiek gedicht of waardoor het mij aanspreekt is bijna altijd verbonden met gebeurtenissen uit het jaren wonen, werken, leven op Curaçao. Dat is uiterst persoonlijk en is dikwijls heel verschillend van aard. Zo kan het werken aan een vertaling van een gedicht de waardering voor de oorspronkelijke tekst enorm vergroten. Met Lucille Berry-Haseth - naast Sidney Joubert ook redacteur van de anthologie - heb ik veel vertalingen gemaakt. Met Lucille werken aan vertalingen is een prachtig samenspel, waardoor bepaalde gedichten, zoals het gedicht van Jopi Hart, voor mij nog veel meer gingen leven. Maar vooral het vertalen was een avontuur op zich, een ontdekkingstocht in de taal, in de samenleving, de geschiedenis ervan. Als zodanig is dat niet een overtuigend argument voor de kwaliteit van een gedicht. Ik vind dit specifieke gedicht ook prachtig omdat het mij meesleept naar de Noordkust van het eiland; die is zo fascinerend mooi en gevaarlijk.

Het toeval wil dat ik Jopi Hart ooit ontmoet heb voor een reportage over de wijk Otrabanda, in Willemstad. Een bijzonder energieke man, met prachtige anekdotes over van alles en nog wat. Iemand ook die dicht bij 'het volk' staat. Hoe 'vallen' zijn teksten bij de bevolking?
Je kunt Jopi zeker toevoegen aan de schrijversnamen die ik hierboven noemde. Maar Jopi - en de meeste dichters die ik noemde - zijn geen volksdichters. Dat ligt niet zozeer aan de moeilijkheidsgraad van hun werk, maar aan het gegeven dat 'het volk', net als in Nederland overigens, nauwelijks of geen gedichten leest of aanwezig is bij de gelegenheden waar gedichten worden voorgedragen. Voor 'het volk' zijn er andere uitingsvormen, zoals liederen, waarvan er ook weer voorbeelden te noemen zijn die als gedichten op muziek toch een literaire status weten te verwerven. Anderzijds zijn er ook literaire gedichten van belangwekkende dichters als Lauffer en Juliana, die zo muzikaal zijn, dat het als het ware liederen worden en door hun ritme en klankrijkdom de populariteit van een lied hebben weten te verkrijgen.
Veel dichters hebben zich de afgelopen decennia wel heel erg ingespannen om 'het volk' te bereiken. Ze wilden bij een eerste lezing en, gegeven de voordrachtcultuur, bij een eerste openbare presentatie direct begrepen worden. De, uitgesproken moralistische, boodschap druipt hier en daar van de gedichten af, wat ten koste gaat van de kwaliteit. Er wordt soms niets meer aan de verbeeldingskracht van de lezer overgelaten. Enfin, voor Jopi en veel andere dichters moet je toch even rustig gaan zitten om hen te lezen of naar hen te luisteren. Hij heeft onlangs overigens een dikke Engelstalige roman gepubliceerd, Election Dance, waarmee hij 'het volk' stellig niet bereikt, maar zijn roman geeft wél weer een pracht zicht op wat er onder het volk leeft.

Bestaat er naast de geschreven poëzie een orale traditie op de Antillen?
De Antilliaanse samenleving is in principe een gealfabetiseerde samenleving. Ja, er is een aanzienlijke groep die niet toereikend kan lezen en schrijven, maar de eilanden draaien volop mee in de moderne wereld waarin het lezen en schrijven een rol van betekenis heeft. Net als elders in de moderne wereld is de orale traditie overgenomen door de radio, de tv, films, cd's en dvd's, internet... Dat zijn de moderne varianten van de traditie van het mondeling overleveren. In die traditionele zin is er geen orale traditie meer, al worden spelletjes en kinderliedjes en sommige verhalen nog wel overgeleverd van mond op mond, zoals dat ook in Nederland gebeurt met kinderliedjes en -spelletjes - ook al zijn die inmiddels evenzo opgetekend.

Vindt u dat er door Nederlandse uitgevers voldoende aandacht aan de Antilliaanse literatuur wordt besteed?
Jawel, de literatuur uit de West - zeker die in het Nederlands - vindt uitgevers, al decennialang, zoals de Bezige Bij, In de Knipscheer, Arbeiderspers en De Geus. Geen klagen lijkt mij. De anthologie kon probleemloos worden ondergebracht bij de uitgeverij van het KITLV. Er zijn fondsen bereid om te ondersteunen, zoals het Fonds voor de Letteren en het Nederlands Literair Productie- en Vertalingen Fonds. Aan de uitgevers en de fondsen is de beperkte geïnstitutionaliseerde aandacht niet te bemerken, maar duik het universitaire circuit eens in! De Antillen en Aruba behoren het Koninkrijk toe, maar de eerste vakgroep die zich exclusief met de eilanden in alle opzichten - waaronder de taal- en cultuuruitingen - bezighoudt, moet nog opgericht worden. Natuurlijk weet ik van de individuele - moeizaam gefinancierde - leeropdrachten en projecten her en der door de universitaire organisaties heen (waar overigens prachtstudies uit voortkomen), maar deze inspanningen vallen in het niet bij de onderzoeksprogramma's die aan andere 'Nederlandse' onderwerpen zijn gewijd.

Wat kunnen we in de naaste toekomst nog van u verwachten wat betreft Papiamentu-literatuur?
Enigszins gechargeerd zou ik moeten antwoorden: niets. Anderzijds, wanneer ik de kans krijg - zoals nu met Meander Magazine - dan zal ik aandacht vragen voor die literatuur en, dat spreekt, voor de bloemlezing en de geschiedschrijving De kleur van mijn eiland. Mijn werk als projectmanager en adviseur Diversiteit en Integratie brengt echter niet op voorhand met zich mee, dat ik de promotie van die literaire uitingen meeneem. Daarenboven speelt dat ik, zoals gezegd, het onderzoek naar die literatuur vooral ook heb gedaan om zicht te krijgen op de mentaliteit en de mentaliteitsgeschiedenis van de eilandbewoners van Aruba, Bonaire en Curaçao. Met de kennis uit onder meer dit onderzoek naar mentaliteitsaspecten komt wel weer een ander onderzoek voort, waarvan de resultaten in september van dit jaar bij uitgeverij In de Knipscheer verschijnen. Het betreft een onderzoek naar de relatie van schaamte en geweld. Onder de titel De terreur van schaamte verschijnt een boek, dat mede voortkwam uit mijn kennis van specifieke sociaal-emotionele aspecten, zoals schaamte, in de Curaçaose samenleving onder bepaalde groepen. De essayistische studie is overigens niet beperkt tot de Curaçaose samenleving, want schaamte is stellig geen exclusief eilandelijke aangelegenheid. En verder blijken de vertalingen ook wel als vingeroefeningen te hebben gewerkt om zelf iets van mijn eigen ervaringen en emoties onder te brengen in een gedicht. Maar dat lijkt mij vooralsnog in portefeuille te moeten blijven.
Kortom, we kunnen voorlopig vast wel vooruit met de studie en de anthologie De kleur van mijn eiland.


Literatuur: Aart G. Broek, Sidney M. Joubert en Lucille Berry-Haseth (red.), De kleur van mijn eiland: Aruba, Bonaire, Curaçao; Ideologie en schrijven in het Papiamentu sinds 1863. Deel II: Anthologie. Leiden: Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde i.s.m. Fundashon Pierre Lauffer (Willemstad, Curaçao). 2006. ISBN 90 6718 266 4. Aart G. Broek, De kleur van mijn eiland: Aruba, Bonaire, Curaçao; Ideologie en schrijven in het Papiamentu sinds 1863. Deel 1: Geschiedschrijving. Leiden: Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde i.s.m. Fundashon Pierre Lauffer (Willemstad, Curaçao). 2006. ISBN 90 6718 275 3. De oorspronkelijk Papiamentstalige gedichten zijn te vinden in: Lucille Berry-Haseth, Aart G. Broek en Sidney M. Joubert (red.), Pa saka kara; Antologia di literature Papiamentu. Willemstad, Curaçao: Fundashon Pierre Lauffer, 1998. [2 delen]


naar de gedichten van Papiamentu-poëzie


[gepubliceerd: 28 juli 2007]
 
^    >