Meander * Eerder * Wereldpoëzie * Davide Rondoni
 

Interview met de Italiaan Davide Rondoni
Een goed gedicht is als een lekker bord pasta
door Antoinette Sisto

Davide Rondoni (1964) is een van de meest toonaangevende stemmen in de moderne Italiaanse poëzie. Hij is directeur van het 'Centrum voor hedendaagse poëzie' aan de Universiteit van Bologna en een van de samenstellers van De overheersende gedachte, Anthologie van Italiaanse poëzie (1970-2000). Daarnaast is hij hoofdredacteur en oprichter van het literaire tijdschrift Il Clandestino, schrijft toneelstukken en maakt televisieprogramma's over literatuur. Hij heeft zeven dichtbundels op zijn naam staan, waarvan de bundel Il Bar del Tempo(Het café van de tijd), meerdere malen met literaire prijzen is bekroond.

Hoe zou u zichzelf willen voorstellen aan het Nederlandse lezerspubliek?
Natuurlijk zou ik het liefst zeggen dat ik een soort Gullit of Cruijff van de poëzie ben. Maar laat ik mij voorstellen als een Italiaan die poëzie schrijft, in een taal die zich continu blijft vernieuwen sinds de tijd van dichters als Petrarca, Jacopone en Dante. Een taal die probeert om de geheimen van het leven aan de kaak te stellen.

Hoe zou u het huidige Italiaanse poëzieklimaat willen omschrijven?
Poëzie leeft niet in afzonderlijke microklimaten. Italië is een geweldig land dat voortdurend in crisis verkeert. En dat geldt ook voor de Italiaanse poëzie die als het ware zichzelf steeds ter discussie stelt, haar eigen betekenis onder de loep neemt en de mogelijkheid om een gemeengoed te zijn. Na Eugenio Montale, Giuseppe Ungaretti en Umberto Saba zijn er in de twintigste eeuw een aantal belangrijke dichters opgestaan. Ik doel op degenen die bij wijze van spreken 'mijn grootvaders' zijn geweest en met wie ik een vriendschap of een werkrelatie heb of heb gehad. Bijvoorbeeld Mario Luzi, Giorgio Caprone, Pier Paolo Pasolini, Andrea Zanzotto, Giovanni Testori en Piero Bigongiari en natuurlijk vele anderen die minder bekend zijn, maar zeker niet minder briljant.

U heeft met de Italiaanse dichter Franco Loi het boek De overheersende gedachte, een Anthologie van de Italiaanse poëzie (1970-2000) samengesteld. Wie zijn volgens u de meest interessante Italiaanse dichters uit deze periode?
Deze periode kent een heleboel belangrijke dichters, onder wie naar mijn mening ook enkele uitstekende, zoals Franco Loi zelf, maar ook Umberto Piersanti, Maurizio Cucchi, Milo De Angelis en Antonella Anedda

Welke anderstalige dichters leest u graag?
Dat zijn er een heleboel. Ik lees bijvoorbeeld graag de Australische dichter Les Murray. Of anderen met wie ik het geluk heb gehad bevriend te raken, zoals Derek Walcott, Adam Zagajewsky, Guy Goffette, Yves Bonnefoy, en een paar Amerikaanse dichters waaronder Edward Hirsch, Jorie Graham, Susan Stewart en Jonathan Galassi (vertaler van Eugenio Montale). Van de Arabische dichters bewonder ik Maram Al Maasri en Habib Tengour.

U heeft poëzie van bekende Franse dichters zoals Baudelaire en Rimbaud vertaald. In hoeverre verschilt het vertalen van teksten van andere dichters wezenlijk van het schrijven van eigen gedichten?
Dat verschil is heel miniem. In beide gevallen gaat het vooral om een inspanning, een soort gehoorzaamheid en oplettendheid ten aanzien van een boodschap. Je luistert ernaar en vertaalt die boodschap met een levendig en heel persoonlijk gebaar. Eigenlijk zijn we gedurende ons hele leven bezig met vertalen.

Wat verstaat u onder een goed gedicht? Aan welke eigenschappen moet het voldoen?
Dichten is zoiets als een lekker bord pasta beschrijven of een mooie vrouw of een voetbalwedstrijd. Enkele fundamentele aspecten daargelaten, natuurlijk - een mooie vrouw weegt zelden 240 kilo bijvoorbeeld, en een wedstrijd heeft iets oneerlijks als de scheidsrechter wordt bedreigd - geldt voor poëzie dat er in ieder geval de aanwezigheid moet zijn van wat Dante ooit heeft genoemd: 'woorden die met elkaar verbonden zijn in een harmoniërend mozaïek'. De rest is voorspelbaar. Er gaat een schok van herkenning door je heen wanneer een mooie vrouw de kamer binnenkomt, wanneer je op een mooi gedicht stuit.

Een van uw mooiste gedichten vind ik 'Een Italiaanse avond' (uit de bundel Il bar del tempo). Ik stel me voor dat je zo'n gedicht alleen maar zou kunnen schrijven als je ver weg bent van eigen huis en vaderland. Is dat waar?
Ik ben heel veel op reis. En toch ben ik ook erg gehecht aan mijn eigen huis. 'Het leven is een soort nostalgie' heeft Giuseppe Ungaretti ooit gezegd.

Hoe belangrijk is het thema reizen in uw poëzie?
Ik weet niet of je kunt spreken van een thema, maar reizen is iets dat voor mij inherent is aan het leven net als in Dante's De Goddelijke Komedie . Eigenlijk zijn we voortdurend op reis. En daarom is poëzie de stem van deze reis door de tijd en het mysterie van het leven.

Wanneer kunnen we een nieuwe dichtbundel van u verwachten?
Als alles goed gaat komt er medio 2008 weer er een nieuwe dichtbundel van mij uit.


naar de gedichten van Davide Rondoni


[gepubliceerd: 6 oktober 2007]
 
^    >